Guide to Iceland
Verken IJsland
Natuur in IJsland
De ultieme gids voor de zuidkust van IJsland
Vík í Mýrdal ligt vlak aan het zwarte zandstrand van Reynisfjara.

De ultieme gids voor de zuidkust van IJsland

Michael Chapman
Tekst door Michael Chapman
Geverifieerde expert

Wat zijn de meest populaire bezienswaardigheden aan de zuidkust van IJsland? Aan welke activiteiten kunnen bezoekers hier deelnemen?

Wat zijn de meest populaire bezienswaardigheden aan de zuidkust van IJsland? Aan welke activiteiten kunnen bezoekers hier deelnemen? Hoe lang duurt het om vanuit de hoofdstad Reykjavík naar de zuidkust te reizen en is het mogelijk om het hele jaar door naar het zuiden te reizen? Lees alles wat je moet weten in deze Ultieme gids voor de zuidkust van IJsland. 



Een kennismaking met de zuidkust van IJsland 

De pittoreske zuidkust van IJsland is een van de populairste regio's voor bezoekers van het land. Het is tenslotte de thuisbasis van enkele van de meest geliefde natuurlijke bezienswaardigheden van IJsland, zoals 'het kroonjuweel van IJsland', de Jökulsárlón-gletsjerlagune en het indrukwekkende Nationaal park Vatnajökull



Het schiereiland Dyrhólaey is het zuidelijkste puntje van IJsland en biedt een fantastisch uitzicht over de zuidkust van het land.

Als je langs dit deel van de schilderachtige kust reist, maak je kennis met vrijwel eindeloze opgedroogde lavavelden, indrukwekkende kliffen en karakteristieke vissersdorpen. Tot op de dag van vandaag beschouwen bezoekers Zuid-IJsland als de ideale plek om allerlei activiteiten te ondernemen, zoals wandelen, paragliden, superjeeptochten maken en bezienswaardigheden bekijken.

Je kunt het zuiden op verschillende manieren verkennen: via tochten onder leiding van een gids of tijdens een autorondreis. Je zult er hoe dan ook geen spijt van krijgen dankzij de overvloed aan bezienswaardigheden die je hier ontdekt en indrukken die je opdoet. 



De Jökulsárlón-gletsjerlagune wordt over het algemeen beschouwd als het eindpunt van de zuidkust. De gletsjer ligt op vier uur en 22 minuten rijden van de hoofdstad van IJsland, Reykjavík (op een mooie dag als de wegen goed begaanbaar zijn). Dit houdt in dat je zonder stops in totaal negen uur moet rijden als je in één dag heen en terug wilt. 



In de zomer is dit goed te doen, hoewel het een beetje krap is en je sommige andere bezienswaardigheden in het zuiden moet overslaan. Als je zo ver wilt rijden, is het aan te raden om een paar dagen aan de zuidkust door te brengen en ergens te overnachten, zoals in Hvolsvöllur of Höfn. Dat is ook de reden dat Höfn is opgenomen in deze lijst, hoewel het stadje in het oosten van IJsland ligt.

Er zijn ook tal van andere bezienswaardigheden in het zuidelijke deel van IJsland die geen deel uitmaken van de kustlijn, zoals de populaire Golden Circle-route met het Nationaal park Þingvellir, de Gullfoss-waterval en het geothermische gebied Geysir. 



Hierna worden alleen de belangrijkste bezienswaardigheden langs de zuidkust van IJsland beschreven, van de Reykjadalur-vallei helemaal in het westen tot het stadje Höfn in het uiterste oosten. Maar het zuiden van IJsland heeft zoveel meer te bieden.

Reykjadalur-vallei

De ultieme gids voor de zuidkust van IJslandFoto van Paardrijden in de Reykjadalur-vallei | Dagtocht naar warme bronnen

Reykjadalur betekent 'rookvallei', maar eigenlijk zou het 'stoomvallei' moeten zijn. De meeste mensen associëren Reykjadalur met de uiterst populaire geothermisch verwarmde rivier die door het gebied stroomt en waarin je een ontspannend bad kunt nemen. 

Maar ook de vallei zelf is fascinerend. In de weelderig groene heuvels vind je talloze klaterende beekjes en watervallen en de vallei is bezaaid met warme poelen en geothermische bronnen. 

De vallei ligt bij Hveragerði, een stadje van ongeveer 2500 inwoners dat bekend staat om de vriendelijkheid van zijn lokale bevolking (als je verdwaalt in de vallei, is er altijd wel iemand in de buurt die je de weg wijst.) Hveragerði ligt op ongeveer veertig minuten rijden ten zuidwesten van Reykjavík, de hoofdstad van IJsland. 

Als je in Hveragerði aankomt, moet je dwars door het stadje rijden totdat je de grindweg bereikt die naar de Reykjadalur-vallei leidt.

Je kunt je auto aan het einde van deze grindweg parkeren. Vanaf dat punt wandel je in ongeveer 50 tot 70 minuten naar het eerste gebied waar je een bad kunt nemen in de rivier. Houd er rekening mee dat de temperatuur van het water in verschillende delen van de rivier kan verschillen, dus loop langs de oever en ga op zoek naar een plek waar het water voor jou de meest aangename temperatuur heeft. 

Er gaat een bus naar Hveragerði, maar niet naar de parkeerplaats waar de wandeling begint, dus de beste manier om hier te komen is door een auto te huren of deel te nemen aan een excursie. 



Vestmannaeyjar (Westmaneilanden)

Heimaey, het enige bewoonde eiland van de Westmaneilanden. Creative Commons. Credit: Hansueli Krapf. 

Vestmannaeyjar is zowel een stad als een archipel voor de zuidkust van IJsland. De eilanden krijgen in Nederland vaak de naam 'Westmaneilanden', waarmee wordt verwezen naar de eerste kolonisten van het gebied, Ierse monniken, of 'mannen uit het westen'.

Al met al bestaat Vestmannaeyjar uit 15 eilanden en ongeveer 30 rotsformaties en rotseilandjes, en men denkt dat ze 10.000 tot 12.000 jaar geleden zijn gevormd en geologisch gezien dus vrij jong zijn. 

Het grootste eiland, Heimaey, is het enige eiland van de archipel dat bewoond is en er wonen momenteel ongeveer 4200 mensen. De andere eilanden zijn volledig ongerept gebleven of er staat hooguit een eenzame jachthut waar alleen bezoekers in de warme zomermaanden kunnen verblijven. 

Herjólfsdalur, de 'olifantsrots', is vaak te zien op reizen naar de Westmaneilanden.Wikimedia. Creative Commons. Credit: Trabajo Propio.

Wat de Westmaneilanden zo aantrekkelijk maakt voor bezoekers, is hun natuurlijke biodiversiteit. Hier vind je alle zeevogelsoorten van IJsland, waaronder zeekoeten, jagers, Noordse sterns, papegaaiduikers, meeuwen en drieteenmeeuwen.

Dankzij het microklimaat van het gebied nestelen miljoenen vogels elk voorjaar in de rotswand van het eiland, om aan het einde van de zomer weer te vertrekken. Omdat vogels zo belangrijk zijn voor de eilanden, is de papegaaiduiker officieel gekozen als symbool van Vestmannaeyjar. 

Als je naar de Westmaneilanden wilt gaan, kun je een veerboot nemen (desgewenst met auto en al) vanuit de haven van Landeyjahöfn. Je kunt het eiland Heimaey ook gemakkelijk te voet verkennen, dus je hoeft je auto niet per se mee te nemen. De overtocht duurt ongeveer 35 minuten en het wordt aangeraden om van tevoren te boeken. 

Als alternatief kun je ook vliegen vanaf de luchthaven Bakki direct naast de haven (de vlucht duurt 10 minuten). 



Seljalandsfoss-waterval

De waterval Seljalandsfoss wordt beschouwd als een van de belangrijkste bezienswaardigheden op de route langs de zuidkust. Dat komt vooral omdat bezoekers hier daadwerkelijk achter het water van de waterval langs kunnen lopen. Hierdoor is deze bezienswaardigheid extra geliefd bij natuurfotografen, die hun kans grijpen om foto's te maken van achter de waterval. 



Foto vanuit de grot achter de waterval Seljalandsfoss.

Het water van de 60 meter hoge Seljalandsfoss is afkomstig van de vulkanische gletsjer Eyjafjallajökull. De Eyjafjallajökull is natuurlijk berucht om zijn uitbarsting in 2010, die het Europese luchtverkeer stillegde en tegelijkertijd het beginpunt was van een explosieve toename van het IJslandse toerisme.

Mensen die de Seljalandsfoss bezoeken, wandelen vaak verder langs het pad in noordelijke richting totdat ze de Gljúfrabúi ontdekken. Dit is een andere kleinere waterval, maar dit keer verborgen in een kloof in deze oude zeekliffen. En ook hier weer grijpen fotografen hun kans om de Gljúfrabúi en zijn unieke omgeving te fotograferen.

De Seljalandsfoss is in internationale films en op de televisie te zien geweest. De waterval had bijvoorbeeld een glansrol als waypoint in de eerste etappe van de beroemde Amerikaanse realityserie The Amazing Race 6, maar speelde ook een hoofdrol in de videoclip voor Justin Bieber's nummer I'll Show You. 

Buitenzwembad Seljavallalaug

Seljavallalaug is een beschermd buitenzwembad in het zuiden van IJsland.Credit: Wikimedia, Creative Commons, foto door Johannes Martin.

Slechts 23 kilometer ten oosten van de Seljalandsfoss-waterval kom je Seljavallalaug tegen, een van de buitenzwembaden aan de zuidkust. Seljavallalaug is een van de oudste zwembaden in IJsland, gebouwd in 1923, lang voordat in IJsland de moderne tijd aanbrak. 

Seljavallalaug was ooit ook het grootste zwembad van IJsland, met een breedte van 10 meter en een lengte van 25 meter, maar dat veranderde in 1936. 



Ondanks zijn grootte en leeftijd heb je nog steeds gratis toegang tot Seljavallalaug en het zwembad is op een tocht langs de zuidkust zeker een bezoek waard. Als je ervoor kiest om in dit zwembad te zwemmen, doe je dat op eigen risico. Je moet het ook alleen doen als je de verleiding niet kunnen weerstaan. 

Het water is hooguit lauw, omdat natuurlijk warm water langs de berghelling sijpelt die een van de muren van het zwembad vormt.

Veel bezoekers maken zich misschien een beetje te druk over de vreemde groene waas die het zwembadwater vaak heeft als gevolg van de algen die aan de zijkanten en op bodem van het zwembad groeien. Het zwembad wordt een keer per jaar schoongemaakt. Bezoekers moeten al hun afval meenemen en mogen niets bij het zwembad achterlaten. Er zijn geen douches of badkamers bij het zwembad, maar bezoekers kunnen zich in een huisje omkleden. Maar ook dat moeten ze netjes en opgeruimd achterlaten.

Om bij het zwembad te komen, ga je linksaf de ringweg af en neem je weg 242 tot je bij een parkeerplaats komt. Vanaf de parkeerplaats is het 15 tot 20 minuten lopen om bij het zwembad te komen.

Solheimajokull-gletsjer

Zicht op de Sólheimajökull-gletsjer tijdens de wandeling ernaartoe

Foto van een wandeling op de Sólheimajökull-gletsjer

Je bereikt de Sólheimajökull-gletsjer na een korte rit over een onverharde weg links van de ringweg. Dit is de ontmoetingsplaats voor iedereen die een gletsjerwandeling heeft geboekt op deze indrukwekkende gletsjer, die deel uitmaakt van de grotere Mýrdalsjökull-gletsjer.

Je mag alleen aan een gletsjerwandeling of een gletsjerbeklimming deelnemen onder leiding van een gediplomeerde gids, want gletsjers zitten vol gevaarlijke scheuren en bezoekers moeten weten wat ze doen. Iedereen die deelneemt aan een gletsjerwandeling, krijgt sneeuwschoenen, een helm en een ijsbijl en er gaat een gids mee die de groep leidt.

Ook als je geen wandeltocht op de gletsjer maakt, is het nog steeds een prachtig gezicht om de gletsjer van een afstand te zien. Vanaf de parkeerplaats is het een wandeling van 15 minuten naar de rand van de gletsjertong, langs indrukwekkende bergen en de gletsjerlagune die ervoor ligt. 



Vliegtuigwrak van de DC-3 van de Amerikaanse marine op de Solheimasandur-vlakte

De ultieme gids voor de zuidkust van IJslandVan: 2-daagse tocht naar de zuidkust en Jökulsárlón-gletsjerlagune met gletsjerwandeling en vliegtuigwrak van een DC-3.

Al jarenlang is het verlaten vliegtuigwrak van een DC-3 van de Amerikaanse marine overgeleverd aan de elementen. Als gevolg van een brandstofstoring in 1973 stortte het vliegtuig neer in de woestijn van zwart zand van Sólheimasandur tussen Hvolsvöllur en het vissersdorp Vík í Mýrdal. Gelukkig is er bij het ongeluk niemand om het leven gekomen. 

Sindsdien ligt het wrak daar, blootgesteld aan weer en wind en ernstig beschadigd, en vormt het een schril contrast met de donkere Sólheimasandur-vlakte van vulkanische aarde. Dat contrast ontstaat niet alleen door de afbladderende witte verf tegen de zwarte achtergrond, maar ook door het onwezenlijke gezicht van zo'n buitenissig mechanisch toestel in het ongerepte open landschap, waar het zijn laatste rustplaats heeft gevonden. 




Omdat het vliegtuig er al sinds het begin van de jaren zeventig ligt en omdat de explosieve toename van het toerisme in IJsland pas in 2011 officieel begon, beginnen sommige IJslanders nu pas te accepteren dat het vliegtuigwrak van de DC-3 voor toeristen een tijdelijke bezienswaardigheid op zich is geworden. 

Tot voor kort werd het wrak beschouwd als een grote hoop schroot, als er al over werd nagedacht. Maar doordat toeristen er met andere ogen naar keken, is het wrak een echte bezienswaardigheid geworden.

Je moet er wel een beetje moeite voor doen om er te komen. Het vliegtuig is niet te zien vanaf de ringweg en je mag er niet naartoe rijden. Bezoekers moeten hun auto parkeren bij de ringweg en vervolgens 45 tot 60 minuten lopen (op een vlakke ondergrond) om het wrak te bereiken. Je mag wel fietsen om sneller bij het wrak te komen. De open zandvlakte biedt geen beschutting tegen het onvoorspelbare weer, dus kleed je warm aan. 



Waterval van Skógafoss

Bezoekers van de Skógafoss-waterval kunnen helemaal tot aan het gordijn van water lopen.

De Skógafoss is een van de grootste watervallen in IJsland. Het water valt van 60 meter hoog en de waterval is 15 meter breed. Zoals al eerder is vermeld, vormt deze waterval een van de belangrijkste bezienswaardigheden langs de zuidkust.

Bezoekers van de Skógafoss kunnen helemaal doorlopen tot aan het punt waar het water op de rotachtige bodem neerklettert en daar fantastische foto's maken. En die foto's worden nog spectaculairder door de gigantische wolken van waternevel die constant worden gevormd door het neerkletterende water en waarin regenbogen ontstaan als de zon erop schijnt. 



Als je zo dichtbij staat, ervaar je ook de pure kracht van deze natuurlijke waterval. Maar wees voorzichtig tijdens de wintermaanden, want de rotsen aan de voet van de Skógafoss worden vaak verraderlijk ijzig en glad, waardoor het gevaarlijk is om te dichtbij te komen.

Als je de trap ernaast opgaat, kun je de waterval ook van bovenaf bekijken. Wees wel voorzichtig in de wintermaanden, want dan kan de trap vol met sneeuw liggen, waardoor deze moeilijk begaanbaar wordt. 

Omdat de Skógafoss niet ver van de Seljalandsfoss vandaan ligt, worden de watervallen in reisgidsen vaak gecombineerd en beschouwd als neven of nichten. Net als de Seljalandsfoss is ook de Skógafoss talloze keren in de media te zien geweest, zoals in de tv-serie 'Vikings' op History Channel en in de film 'The Secret Life of Walter Mitty'.

Schiereiland Dyrhólaey

De Dyrhólaey-rotsboog is slechts een van de vele trekpleisters op het schiereiland.

De ontstaansgeschiedenis van Dyrhólaey gaat terug tot de tijd dat het een vulkanisch eiland was dat gescheiden was van het vasteland van IJsland, bekend als 'Cape Portland'. Tegenwoordig zit Dyrhólaey vast aan het vasteland en is het een klein schiereiland geworden. 

Deze uitstekende punt is vooral bekend om zijn fantastische uitzicht over de zuidkust van IJsland en ook om de vogels die gebruikmaken van de torenhoge rotswanden van Dyrhólaey en de enorme rotsboog, die het landschap domineert. 



De vuurtoren van Dyrhólaey die schepen de weg wijst in de IJslandse nacht.

Als je naar Dyrhólaey reist voor het uitzicht, staat je iets bijzonders te wachten. Als je in noordelijke richting kijkt, kun je namelijk de Mýrdalsjökull-gletsjer zien en als je in oostelijke respectievelijk westelijke richting kijkt, zie je de Reynisdrangar en de zuidelijke kustlijn richting de plaats Selfoss.

Houd er wel rekening mee dat delen van Dyrhólaey in mei en juni zijn afgesloten om de nestelende vogels niet te storen. Als je vogels wilt spotten, kom je hier aan je trekken en kun je verschillende soorten waarnemen, zoals papegaaiduikers. Maar let wel op de noordse sterns, want die kunnen agressieve duikvluchten uitvoeren op bezoekers om hun nesten te beschermen. 



Het zwarte zandstrand Reynisfjara

Het zwarte zandstrand Reynisfjara. De Reynisdrangar-rotsformatie vormt het middelpunt van deze foto.

Reynisfjara is een zwart zandstrand tussen het dorp Vík í Mýrdal en Dyrhólaey op ongeveer 180 kilometer van Reykjavík. Reynisfjara is een uitstekend voorbeeld van de vulkanische kustlijn die zo kenmerkend is voor de kust van IJsland. Dit zwarte zandstrand is dan ook een van de populairste stopplaatsen voor tochten langs de zuidkust. 



Hier kunnen gasten het oeroude mystieke landschap bewonderen dat wordt bepaald door majestueuze bergruggen in de verte, torenhoge rotswanden en schitterende rotsformaties. In 1991 riep National Geographic Reynisfjara uit tot een van de top 10 van mooiste, niet-tropische stranden ter wereld

De Reynisdrangar zijn rotsformaties die een van de meest iconische beelden van Zuid-IJsland vormen.

Van bijzonder belang is de 15 meter hoge rotsformatie met de naam Reynisdrangar die vlak voor de kust uit de oceaan oprijst. Door de jaren heen zijn er veel folkloristische verhalen ontstaan rond de Reynisdrangar. In sommige van die verhalen wordt beweerd dat deze rotsformaties eigenlijk de overblijfselen zijn van drie trollen die versteenden in het licht van de opkomende zon terwijl ze probeerden een boot uit het water te trekken. 



In andere verhalen wordt gesuggereerd dat de rotsformatie eigenlijk een versteend schip met drie masten is dat lang geleden is vergaan, terwijl weer een andere theorie beweert dat de Reynisdrangar de overgebleven resten zijn van een verstarde trol die door een wraakzuchtige echtgenoot in een steen werd veranderd nadat hij had gehoord dat deze zijn vrouw had vermoord. Hoe het dan ook zij, de Reynisdrangar zijn interessante rotsen, waar ook nog eens tal van zeevogels nestelen, zoals papegaaiduikers, stormvogels en zeekoeten. 

Als je langs de kust wandelt, zie je ook de zeshoekige rotsformaties die de kliffen langs de Reynisfjara zo'n fascinerend aanzicht geven. Deze basaltkolommen staan bekend als Garðar en doen denken aan de Giant's Causeway in Ierland.

Er zijn dodelijke ongelukken gebeurd op het zwarte strand van Reynisfjara in IJsland

Garðar werd gevormd na een historische uitbarsting, waarbij lava na verloop van tijd afkoelde, wat leidde tot een proces waarbij de basaltkolommen werden samengevoegd. Als je deze bijzondere kolommen gaat bekijken, krijg je een diepgaand inzicht in de geologische processen van IJsland.

Maar voor mensen die Reynisfjara bezoeken is ook een waarschuwing op zijn plaats. Dit strand is namelijk berucht als plek waar door de jaren heen een aantal ongelukken zijn gebeurd door verraderlijke grote golven die plotseling het strand overspoelden. Deze golven worden vaak ook wel aangeduid met de Engelse termen 'sneaker waves', 'sleeper waves' of 'rogue waves'.



Deze golven zijn krachtig, er staat een sterke stroming bij Reynisfjara en bovendien is het water ijskoud. Dit betekent dat je onmiddellijk in levensgevaar bent als je op het strand verrast wordt door een plotselinge vloedgolf.

Lees hier daarom de waarschuwingsborden goed en blijf ver weg van de kustlijn. Dit kan je leven redden!

Het dorp Vík í Mýrdall

Vík í Mýrdal ligt vlak aan het zwarte zandstrand van Reynisfjara.

Vík í Mýrdal is een klein kustplaatsje aan de zuidkust van IJsland waar vaak bussen stoppen zodat deelnemers aan sightseeingtours daar hun lunch kunnen gebruiken en souvenirs kunnen kopen. 



In het plaatsje wonen ongeveer 300 mensen, maar het is wel is de grootste nederzetting in een straal van 70 kilometer. Daarom wordt Vík í Mýrdal beschouwd als een belangrijke halteplaats en een administratief centrum op de route tussen Skógar en de spoelzandvlakte van de Mýrdalssandur-gletsjer.

Vík í Mýrdal ligt direct ten zuiden van de gletsjer Mýrdalsjökull en wordt voortdurend bedreigd door de vulkaan Katla, die onder de ijskap zit. De Katla is sinds 1918 niet meer uitgebarsten, wat volgens wetenschappers betekent dat de kans op een nieuwe uitbarsting met de dag groter wordt, hoewel het nog jaren kan duren voordat de volgende uitbarsting plaatsvindt. 



De kans bestaat dat een uitbarsting van de Katla gletsjeroverstromingen zal veroorzaken die groot genoeg zijn om het dorp volledig te verwoesten. Het enige gebouw dat dan waarschijnlijk overeind blijft, is de kerk met het rode dak van Vík í Mýrdal die op een heuvel is gebouwd en daarom hoger ligt dan de rest van het dorp. 

Vanwege deze dreiging houden de inwoners van Vík í Mýrdal regelmatig evacuatieoefeningen bij de kerk. Wetenschappers en gasten die in een van de 1400 hotelkamers in Vík í Mýrdal verblijven, worden van tevoren gewaarschuwd voor de mogelijkheid van een uitbarsting. 

Maar er is al meer dan 100 jaar geen uitbarsting meer geweest en terwijl de Katla slaapt, kunnen bezoekers van Vík het hele jaar door deelnemen aan excursies naar de Katla-vulkaan en de natuurlijke ijsgrotten verkennen in de gletsjer die zich boven op de vulkaan bevindt. 



Fjaðrárgljúfur-canyon

De canyon Fjaðrárgljúfur is absoluut prachtig, maar de naam is vrij moeilijk uit te spreken voor mensen die geen IJslands spreken.

Door de ongeveer 100 meter diepe Fjaðrárgljúfur-canyon in Zuid-IJsland met zijn steile wanden en smalle paden, stroomt een twee kilometer lange rivier. De naam Fjaðrárgljúfur is voor buitenlanders vrijwel niet uit te spreken, maar klinkt ongeveer als [fjad-raor-gliu-fur]. 

Fjaðrárgljúfur-canyon is erg veranderd in de negenduizend jaar dat de canyon bestaat. Tegenwoordig kunnen bezoekers deze canyon vanaf het wandelpad boven op de rand van de canyon verkennen, maar ook daadwerkelijk in de canyon wandelen (hoewel ze zo hier en daar door wat water moeten waden). 



De bedrock (het grondgesteente) van de Fjaðrárgljúfur bestaat uit palagoniet en dateert uit de koele periodes tijdens de laatste ijstijd, ongeveer 2 miljoen jaar geleden. De canyon heeft zijn vreemde en kronkelende vorm gekregen door de rivier Fjaðrá, die ontspringt op de berg Geirlandshraun. 

Bezoekers wordt gevraagd om op het kronkelende pad te blijven dat boven op de rand van de canyon loopt, omdat anders de kwetsbare grassen en mossen die je hier vindt, beschadigd raken.

Het dorp Kirkjubæjarklaustur

Kirkjubæjarklaustur heeft een lange en oude geschiedenis als agrarisch gebied en nederzetting aan de zuidkust.Wikimedia. Creative Commons. Gino Macccanti.  

Kirkjubæjarklaustur, vaak ook wel eenvoudig 'Klaustur' genoemd', is een klein gehucht aan de zuidkust van IJsland ten oosten van Vík í Mýrdal in de gemeente Skaftárhreppur.

Dit dorp, met een bevolking van ongeveer 500 mensen, is de enige locatie tussen Vík en Höfn waar lokale voorzieningen te vinden zijn, zoals een tankstation, supermarkt, postkantoor en bank. 



Kirkjubæjarklaustur heeft een lange en rijke geschiedenis in de IJslandse cultuur, wat een van de belangrijkste redenen is waarom het kleine dorp zo populair is bij toeristen.

Historici zijn het erover eens dat Kirkjubæjarklaustur eerst een woonplaats was van Ierse monniken, lang voordat het een nederzetting van de Noormannen werd. Vervolgens stond hier vanaf 1186 een Benedictijner klooster en woonden er nonnen tot de Reformatie halverwege de 16e eeuw.

Vroeger heette het dorp 'Kirkjubær' (kerkboerderij) en was het de plek waar de plaatselijke pastor zijn 'vuurpreek' hield, een preek waarvan wordt gezegd dat deze in 1783 de heftige uitbarstingen van de Laki in de Hooglanden van IJsland stopte waardoor de kerk werd gered.

Tegenwoordig kunnen bezoekers de herdenkingskapel uit 1924 bekijken die is gebouwd als getuigenis van deze ongelooflijke gebeurtenis. 



Kirkjugólfið ('de kerkvloer')

Ondanks zijn kunstmatig aandoende uiterlijk is Kirkjugólfið een volledig natuurlijk fenomeen.Flickr. Credit: Andrew Bowden. 

Kirkjugólfið ('de kerkvloer') is een strook met hexagonale basaltkolommen met een oppervlak van 80 m² en bevindt zich in een veld net ten oosten van het dorp Kirkjubæjarklaustur. Kirkjugólfið is op een volledig natuurlijke manier ontstaan ook al doet de naam van deze bezienswaardigheid anders vermoeden. Deze 'kerkvloer' is het resultaat van een afkoelende lavastroom die begon te krimpen waardoor de lava barstte en er een reeks afzonderlijke hexagonale kolommen ontstond.

Er heeft dus nooit een kerk op deze locatie gestaan, maar dit natuurfenomeen lijkt gewoon enigszins op een kerkvloer. Desondanks is de geschiedenis van het hele gebied diep geworteld in mystiek. Er wordt beweerd dat Kirkjubær zo betoverd en heilig was voor de vroege christelijke kolonisten dat heidenen daar niet konden komen. 



Kirkjugólfið is een geweldige stop tijdens je reis langs de zuidkust.Wikimedia. Creative Commons. Credit: Tillea.

Volgens een oude legende waren het de eerste kolonisten in dit gebied, de Ierse kluizenaars (papar), die deze beschermende toverspreuk uitspraken. In één verhaal wordt zelfs beweerd dat een jonge heiden, Hildir Eysteinsson, niet geloofde dat dit soort toverij mogelijk was en daarom probeerde te verhuizen naar Kirkjubær. Zodra hij echter in het dorp aankwam, viel hij dood neer.

(Maar wees gerust, want deze betovering is inmiddels klaarblijkelijk opgeheven. Het staat tegenwoordig iedereen met of zonder religie vrij om naar hartenlust rond te zwerven door Kirkjubær.)

Dverghamrar ('dwergkliffen')

Je ziet meteen waarom vaak wordt gedacht dat de Dverghamrar zijn gebouwd door bovennatuurlijke wezens.Credit: Jennifer Boyer. 

Dverghamrar ('dwergkliffen') is een gebied met hexagonale basaltkolommen in Zuid-IJsland, ongeveer 10 kilometer ten oosten van Kirkjubæjarklaustur. Dverghamrar is een beschermd nationaal monument. 

Dverghamrar is een uitstekend voorbeeld van hoe mysterieus en raadselachtig de IJslandse natuur kan zijn, een feit dat nog wordt benadrukt door de mythologische naam van deze bezienswaardigheid. 



Volgens de folklore was Dverghamrar ooit een woonplaats van dwergen, elven, het verborgen volk en allerlei andere bovennatuurlijke wezens. Deze wezens waren niet alleen bovennatuurlijk, maar vormden ook een belangrijk onderdeel van de IJslandse interpretatie van het christendom en gedroegen zich als volgers van deze nieuwe monotheïstische religie. Leden van het christelijke 'verborgen volk' worden in de IJslandse folklore 'lichtelven' genoemd. 

Bezoekers van de Dverghamrar wordt gevraagd om met respect met dit beschermde monument om te gaan.Flickr. Credit: Stéphanie Perrin. 

Dat de IJslanders geloofden dat hier bijzondere wezens woonden, komt onder andere door een volksverhaal over een jonge vrouw die in 1904 beweerde dat ze etherische zang hoorde die afkomstig was uit de Dverghamrar, ondanks het feit dat ze zag dat het op die plek leeg was. Toen ze dichterbij kwam om beter te kunnen luisteren, herkende ze het lied dat werd gezongen als de christelijke hymne 'het Onze Vader'. 

Dat de IJslanders vroeger dachten dat de Dverghamrar werden gebouwd door deze etherische wezens, was niet zo vreemd omdat ze toen nog niet beschikten over de wetenschappelijke kennis om dit natuurfenomeen te verklaren. 

Net als bij Kirkjugólfið kunnen we dit natuurverschijnsel nu op grond van modern wetenschappelijk inzicht verklaren en weten we dat de basaltkolommen werden gevormd door afkoelende lava die snel kromp waardoor deze diepe en karakteristieke barsten in het lavagesteente ontstonden.  

Natuurreservaat Skaftafell

Het natuurreservaat Skaftafell ligt in Öræfasveit, de westelijke regio van Austur-Skaftafellssýsla in IJsland.Foto van Excursie naar Skaftafell vanuit Reykjavík. 

Skaftafell is een beschermd gebied in de regio Öræfi ('de woestenij'), in het zuidoosten van IJsland. Skaftafell was ooit een op zichzelf staand nationaal park, dat in 1967 werd aangewezen, maar vanaf juni 2008 is het opgenomen in het grotere Nationaal park Vatnajökull. 



Skaftafell werd oorspronkelijk bewoond door een boerengemeenschap, niet lang nadat de eerste nederzettingen in IJsland verschenen, en was zelfs de locatie voor een aantal vergaderingen van verschillende hoofdmannen. Door de uitbarsting van de Öræfajökull in 1362 werd de hele gemeenschap gedecimeerd en was het gebied lange tijd onbewoonbaar. Vandaar dat het gebied sindsdien 'de woestenij' wordt genoemd.

Er vestigden zich steeds weer opnieuw boeren in het gebied, hoewel ze allemaal met onoverkomelijke uitdagingen te maken kregen, variërend van onvruchtbare grond en regelmatige gletsjeroverstromingen tot aswolken van de nabijgelegen vulkaan Grímsvötn. De laatste boeren verlieten het gebied uiteindelijk in 1988. 

Tegenwoordig biedt de regio echter ongelooflijke bezienswaardigheden, waaronder de hoogste piek van het land, de Hvannadalshnúkur, en de hoogste waterval van het land, de Morsárfoss. Het scherpe contrast tussen de met groene berken begroeide vruchtbare grond en de enorme Vatnajökull-gletsjer er vlak naast, is schitterend om te zien. Niet voor niets is dit een van de populairste wandelgebieden van IJsland.

Het is een leuke korte wandeling vanaf het bezoekerscentrum naar de Svartifoss-waterval, maar de meest populaire wandelingen zijn natuurlijk de gletsjerwandelingen zelf.

Skaftafell heeft een populaire camping, een bezoekerscentrum en een klein café. 



Nationaal park Vatnajökull

Het Nationaal park Vatnajökull bestaat uit een landschap van bergen, natuurlijke hellingen en glinsterende gletsjers.Wikimedia. Creative Commons. Andreas Tille. 

De Vatnajökull is de grootste gletsjer van IJsland en van Europa, met een totale oppervlakte van 8100 vierkante kilometer en een gemiddelde breedte van 400 tot 600 meter. De Vatnajökull heeft een maximumbreedte van ongeveer 1000 meter en heeft meer dan dertig verschillende uitstroomgletsjers, waardoor je een idee krijgt van de omvang van de gletsjer. 

Het Nationaal Park Vatnajökull beslaat ongeveer 11% van het land en je vindt er enorme canyons, bergen en zelfs vulkanen. Hier ervaar je waarom IJsland met recht het 'land van ijs en vuur' wordt genoemd.



Onder de gletsjer bevinden zich een paar van de meest actieve vulkanen van het eiland, waaronder de Grímsvötn, Öræfajökull en Bárðarbunga. Wetenschappers verwachten in de komende halve eeuw veel vulkanische activiteit in Vatnajökull. 

Het oogverblindende binnenste van een IJslandse ijsgrot.

Vatnajökull is slechts een van de drie nationale parken in IJsland, maar het is beslist het grootste park, waarvan ook het voormalige Nationaal park Skaftafell (aangewezen in 1967) en het voormalige Nationaal park Jökulsárgljúfur (aangewezen in 1973) deel uitmaken.

De andere nationale parken in het land zijn Nationaal park Þingvellir op ongeveer veertig minuten rijden ten noordoosten van Reykjavík en het Nationaal park Snæfellsjökull. Vatnajökull werd in 2008 aangewezen als nationaal park om de zeer gevarieerde flora en fauna van het gebied te beschermen. 



Het park is zo enorm groot dat je talloze activiteiten kunt ondernemen, maar tot de meest populaire activiteiten behoren het verkennen van ijsgrotten, wat alleen in de winter mogelijk is, en het maken van gletsjerwandelingen, wat je hele jaar door kunt doen.

Het grootste deel van het park ligt in de IJslandse Hooglanden. Als je de meer afgelegen delen van het park wilt bezoeken, heb je een 4WD nodig. 



De Jökulsárlón-gletsjerlagune 

De schitterende Jökulsárlón-gletsjerlagune heeft een haast etherische sfeer en wordt vaak beschouwd als de belangrijkste bezienswaardigheid van IJsland.

Een trip naar de Jökulsárlón-gletsjerlagune levert je een paar van de mooiste panorama's in IJsland op. Dit is een gebied van serene schoonheid met vredig voorbijdrijvende ijsbergen, kolonies nieuwsgierige zeehonden en een weids uitzicht op de ijskappen en bergen van het Nationaal park Vatnajökull. Als je dit gebied bezoekt, wordt onmiddellijk duidelijk waarom Jökulsárlón in de volksmond de titel 'het kroonjuweel van IJsland' heeft gekregen.



De rit vanuit de hoofdstad Reykjavík hierheen duurt ongeveer vier en een half uur zonder tussenstops. Dit betekent dat de hele rit heen en terug ongeveer negen uur duurt, maar je wilt onderweg vast en zeker ook nog wel andere stops maken.

De lagune wordt steeds groter, omdat deze wordt gevoed door de grote stukken ijs die van de gletsjer afbreken en smelten. Door de opwarming van de aarde kalft de gletsjer steeds sneller af en is de Jökulsárlón nu de diepste lagune van IJsland met een oppervlakte van 18 vierkante kilometer gemeten vanaf het punt waar de lagune ontstond rond 1934-1935. Vanaf de jaren 70 is de lagune vier keer zo groot geworden. 

De Jökulsárlón-gletsjerlagune tijdens het 'gouden uur', vlak voordat de zon ondergaat.

De meeste bezoekers kiezen ervoor om tijdens hun excursie naar de lagune een keer te overnachten in een accommodatie langs de zuidkust, zoals in Höfn, Vík í Mýrdal of Hvolsvöllur

Maar andere maken de reis in één dag, vooral tijdens de warme zomermaanden wanneer door de middernachtzon de bezienswaardigheden bijna 24 uur per dag kunnen worden bezichtigd bij daglicht. 

Houd er rekening mee dat het een lange trip is als je in één dag heen en terug wilt rijden, ook omdat er zijn onderweg nog talloze andere bezienswaardigheden zijn. 

Jökulsárlón is niet alleen het 'kroonjuweel van IJsland', maar ook de'pot met goud' aan het einde van de 'kronkelige regenboog', zoals je de IJslandse zuidkust ook zou kunnen noemen.

Diamond Beach

Bij Diamond Beach kun je echt fantastische foto's maken.

Op nog geen vijf wandelen van de Jökulsárlón-gletsjerlagune vind je een strand met de toepasselijke naam Diamond Beach. Dit is een kuststrook waar ijsbrokken aanspoelen op het gitzwarte, vulkanische strand. 



Diamond Beach is buitengewoon geliefd bij fotografen, die hier de kans krijgen om de meeste schitterende foto's te maken van de glinsterende lichtblauwe stukken ijs die prachtig afsteken tegen het vulkanische zwarte zand.

Dankzij de natuurlijke ijsformaties is geen enkele foto hetzelfde en het getij biedt een fantastische kans om met timelapse te experimenteren en zo fantastische en surrealistische foto's te maken waarop de unieke, etherische natuur van het gebied op een perfecte manier wordt vastgelegd. 



Höfn í Hornafirði

De haven van Höfn í Hornafirði.Wikimedia. Creative Commons. Credit: Debivort. 

Höfn í Hornafirði (vaak afgekort tot 'Höfn') is een vissersdorp in het zuidoosten van IJsland, vlak bij de Hornafjörður-fjord. Tussen 1994 en 1998 stond het dorp officieel bekend als Hornafjarðarbær, voordat het de naam kreeg waaronder het dorp tegenwoordig bekend is en die 'haven' betekent. 

Tegenwoordig is het dorp de op één na grootste nederzetting in Zuidoost-IJsland en van hieruit heb je een ongelooflijk uitzicht op de Vatnajökull-gletsjer. Het omliggende landschap wordt gekenmerkt door verschuivende zandbanken en gletsjerrivieren, met verschillende kleine eilanden ten oosten van het dorp, zoals Mikley en Krókalátur. 

Höfn í Hornafirði heeft tal van voorzieningen en bezienswaardigheden, waardoor het een uitstekende stop is tijdens een reis in het zuiden.Wikimedia. Creative Commons. Credit: Diego Cupolo.

Wat de voorzieningen betreft, heeft Höfn er meer dan de meeste stadjes van dezelfde omvang (geschatte bevolking: 2100). Zo heeft het dorp een binnenlands vliegveld, twee banken, vier scholen, vier kappers, een supermarkt, een bloemenwinkel en computerreparatiepunt, een sportschool, een golfbaan en talloze restaurants en hotels. 

Van bijzonder belang in het dorp is het Höfn-gletsjermuseum waar gasten door de vele displays veel kunnen leren over de geologie, ecologie en geschiedenis van de Vatnajökull. Gasten kunnen ook een bezoek brengen aan de Gamlabúð ('oude winkel'), het oudste huis in het dorp dat nog steeds in gebruik is. En tenzij je vegetariër of veganist bent, moet je tijdens een bezoek aan Höfn niet vergeten de beroemde langoustine uit te proberen, want dit zeekreeftje is de specialiteit van elk restaurant in het dorp. Er wordt hier elke zomer zelfs een langoustinefestival gehouden. 



Höfn í Hornafirði wordt vaak gebruikt als overnachtingsplek door reizigers die een tocht maken langs de zuidkust, en met name door reizigers die helemaal naar de Jökulsárlón-gletsjerlagune gaan of die doorreizen naar het oosten, in plaats van terug te keren naar de hoofdstad in het westen. 



Heb je de schilderachtige zuidkust van IJsland bezocht, en zo ja, wat was je favoriete locatie? Zijn er handige tips die je met toekomstige reizigers naar Zuid-IJsland wilt delen? Geef je mening en laat opmerkingen en vragen achter in het opmerkingenveld van Facebook hieronder.